Donderdag 5 oktober 2006
Justitie: Schadefonds Geweldsmisdrijven te onbekend
Den Haag - Het Schadefonds Geweldsmisdrijven wil dat meer slachtoffers van geweldsmisdrijven een beroep doen op het fonds. Nu behandelt het fonds jaarlijks zo'n 7.000 aanvragen, terwijl veel meer mensen slachtoffer worden van een geweldsmisdrijf en zij op geen enkele andere manier hun schade vergoed kunnen krijgen.
Het Schadefonds vermoedt dat veel slachtoffers niet op de hoogte zijn van de vergoedingen die het fonds kan verstrekken. Het Schadefonds keert jaarlijks zo'n elf miljoen euro aan letselschade uit. In meer dan de helft van de zaken gaat het om zedenmisdrijven en mishandeling. Ruim 25 % heeft betrekking op diefstal met geweld.
Om de bekendheid te vergroten, gaan het Schadefonds Geweldsmisdrijven en Slachtofferhulp Nederland in oktober en november 2006 met een voorlichtingsbus het land door. De bus is beplakt met levensgrote krantenberichten, waaruit blijkt dat in Nederland eigenlijk iedereen zomaar slachtoffer van geweld kan worden. In de bus worden presentaties gegeven
en korte films gedraaid; er zijn folders en brochures over hulp aan slachtoffers van geweld of hun nabestaanden. Voor mensen die hun persoonlijk verhaal kwijt willen, is er gelegenheid om in een afgescheiden ruimte in de bus met iemand van Slachtofferhulp te praten.
Het Schadefonds Geweldsmisdrijven, een uitvoeringsorganisatie van het Ministerie van
Justitie, is opgericht om slachtoffers van opzettelijke geweldsmisdrijven een financiële tegemoetkoming te geven als zij op geen enkele andere manier hun schade vergoed kunnen krijgen. Voorbeelden van opzettelijk geweld zijn mishandeling, incest, verkrachting, huiselijk geweld, straatroof, en bedreiging met een wapen. Slachtoffers van zulke
geweldsmisdrijven moeten worden opgevangen. Dat gebeurt in eerste instantie door de huisarts en politie, bij EHBO-posten, RIAGG's en Bureaus Slachtofferhulp. Het Schadefonds
heeft vooral een vangnetfunctie.
Copyright: Blik op Nieuws